JAARNIEUWS


    Heeft u van uw ouders in 2025 een eenmalig vrijgestelde schenking ontvangen? Weet da, dat u wel een schenkingsaangifte moet indienen om deze eenmalige vrijstelling te kunnen benutten. U moet namelijk in de schenkingsaangifte verzoeken om toepassing van deze vrijstelling. De schenkingsaangifte moet u uiterlijk vóór 1 maart 2026 hebben ingediend. U logt hiervoor in met uw DigiD op MijnBelastingdienst. In 2025 is vrijgesteld een vrij te besteden schenking van maximaal € 32.195 of een extra verhoogde schenking van € 67.064 voor een dure studie. In het laatste geval moet de schenking zijn vastgelegd in een notariële akte. Heeft u van uw ouders in 2025 een niet eenmalig vrijgestelde schenking gehad van meer dan € 6.713? Dan bent u over het meerdere schenkbelasting verschuldigd. Ook dan moet u uiterlijk vóór 1 maart 2026 een schenkingsaangifte indienen.

    Tip

    Controleer of u voor uw in 2025 ontvangen schenking een aangifte schenkbelasting moet indienen. En zo ja, check dan of u dat al heeft gedaan. Moet u de schenkingsaangifte 2025 nog indienen? Doe dat dan vóór 1 maart 2026.

    Tot 1 januari 2025 waren er twee soorten fondsen voor gemene rekening (fgr): een besloten fgr en een open fgr. Een besloten fonds was niet belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb) en een open fgr was dat wel. Sinds vorig jaar is de definitie van een fgr gewijzigd. Daardoor kan het zijn dat een fgr dat tot en met 2024 niet zelfstandig belastingplichtig was voor de Vpb kortstondig belastingplichtig kon worden. Om dit te voorkomen kunnen deze fondsen ervoor kiezen om met ingang van 1 januari 2025 alsnog tijdelijk niet als fgr te worden aangemerkt. Dit geldt ook voor een fgr dat op of na 1 januari 2025 is opgericht. Daarbij geldt wel de voorwaarde dat álle participanten hiermee uiterlijk 28 februari 2026 moeten instemmen. Zo wordt voorkomen dat de betrokken fondsen in 2025 en 2026 slechts korte tijd zelfstandig belastingplichtig zijn. Het overgangsrecht geldt tot uiterlijk 2028.

    Tip

    Heeft u een fonds voor gemene rekening waarvoor het overgangsrecht is bedoeld en wilt u daarvan gebruikmaken? Zorg er dan voor dat u daarvoor tijdig de instemming heeft van álle participanten.

    Tot 1 januari 2025 waren er twee soorten fondsen voor gemene rekening: een besloten fgr en een open fgr. Een besloten fonds was niet belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb) en een open fgr was dat wel. Sinds vorig jaar is de definitie van een fgr gewijzigd. Daardoor kan het zijn dat een fgr dat tot en met 2024 niet zelfstandig belastingplichtig was voor de Vpb kortstondig belastingplichtig wordt. Om dit te voorkomen kunnen deze fondsen ervoor kiezen om met ingang van 1 januari 2025 alsnog tijdelijk niet als fgr te worden aangemerkt. Dit geldt ook voor een fgr dat op of na 1 januari 2025 is opgericht. Alle participanten moeten hiermee uiterlijk 28 februari 2026 instemmen. Dit overgangsrecht voorkomt dat de betrokken fondsen in 2025 en 2026 slechts korte tijd zelfstandig belastingplichtig zijn. De overgangsregeling geldt tot uiterlijk 2028.

    Tip

    Heeft u een fonds voor gemene rekening waarvoor het overgangsrecht is bedoeld en wilt u daarvan gebruikmaken? Zorg er dan voor dat u daarvoor tijdig de instemming heeft van alle participanten.

    Sinds 1 januari 2026 is het voor u als werkgever eenvoudiger en aantrekkelijker geworden om mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Zo heeft u geen doelgroepverklaring meer nodig voor het loonkostenvoordeel (LKV) banenafspraak (€ 2.000 per jaar per werknemer). U kunt op basis van het doelgroepregister banenafspraak bepalen of u voor een werknemer in aanmerking komt voor het LKV banenafspraak. Wel blijft het nodig dat u in de aangifte loonheffingen de indicatie aanvinkt voor het LKV banenafspraak. Daarnaast is de 3-jaarstermijn voor dit LKV geschrapt. Het LKV banenafspraak kunt u nu benutten zolang de arbeidsbeperkte werknemer in dienst is. Hiermee samenhangend is ook de voorwaarde vervallen dat een werknemer in de periode van 6 maanden voorafgaand aan de datum indiensttreding niet bij u in dienstbetrekking mag zijn geweest.

     Tip

    Neemt u een arbeidsbeperkte werknemer in dienst? Vergeet dan niet om in de aangifte loonheffingen de indicatie aan te vinden voor het LKV banenafspraak.

    Binnenkort valt de WOZ-beschikking 2026 op uw (digitale) deurmat. De WOZ-waarde 2026 betreft de waarde van uw woning (of een gebouw) op de waardepeildatum 1 januari 2025. Het verdient aanbeveling deze beschikking te (laten) controleren vanwege het grote belang. De WOZ-waarde is namelijk niet alleen relevant voor de gemeentelijke heffingen, maar ook voor andere belastingen, zoals de inkomstenbelasting en de schenk- en erfbelasting. Bent u het niet eens met de vastgestelde waarde in de WOZ-beschikking, dan moet u binnen 6 weken na de dagtekening van de beschikking daartegen bezwaar aantekenen bij uw gemeente. U kunt geen bezwaar aantekenen bij de Belastingdienst!

    Tip

    Het is van groot belang dat u uw bezwaar tijdig indient. Is de 6-wekentermijn verstreken en hebt u geen bezwaar gemaakt? Dan zit u weer een jaar vast aan de vastgestelde waarde voor de gemeentelijke heffingen, maar ook voor de andere belastingen.

    Het nieuwe kabinet-Jetten heeft het Coalitieakkoord bekendgemaakt. Daarin zijn enkele ingrijpende maatregelen opgenomen. Een van de aangekondigde maatregelen betreft het nieuwe box-3-stelsel dat op 1 januari 2028 in werking moet treden. Volgens dit stelsel worden ook niet-gerealiseerde waardestijgingen jaarlijks in de belastingheffing betrokken. Dit is de vermogensaanwasbelasting. Een uitzondering wordt gemaakt voor vastgoed en aandelen in een startup. Die bestanddelen zullen worden belast met een vermogenswinstbelasting. Bij deze belasting vindt de heffing pas plaats als het box-3-vermogensbestanddeel is vervreemd. In dat geval beschikt u over het geld om de belasting te betalen. Het nieuwe kabinet wil deze vermogenswinstbelasting op termijn ook invoeren voor de andere vermogensbestanddelen in box 3.

    Tip

    Het kabinet-Jetten is een minderheidskabinet. Dit heeft tot gevolg dat voor de aangekondigde maatregelen eerst steun moet worden gevonden in de Tweede Kamer, voordat deze maatregelen kans van slagen hebben. Het is dus nog even afwachten of dit voornemen realiseerbaar is.

    Uw bv betaalt belastingrente als achteraf bij het vaststellen van de definitieve aanslag blijkt dat zij vennootschapsbelasting moet bijbetalen. In 2022 en 2023 bedroeg de belastingrente 8%. De hoogste belastingrechter, de Hoge Raad, heeft onlangs beslist dat een belastingrente van 8% voor de vennootschapsbelasting veel te hoog is en moet worden gehalveerd. Dat is goed nieuws als u of uw adviseur tijdig bezwaar heeft gemaakt tegen de aan uw bv in rekening gebrachte belastingrente over die jaren. Nu er een eindoordeel is, kan uw bv een teruggave van belastingrente tegemoetzien.

    Tip

    Voorkom dat uw bv belastingrente (in 2026: 7,5%) moet betalen en laat een reële inschatting maken van de verschuldigde vennootschapsbelasting in 2026. Zo voorkomt u dat de Belastingdienst een te lage voorlopige aanslag voor de vennootschapsbelasting oplegt aan uw bv.

    Hebt u van de Belastingdienst eind vorig jaar een voorlopige aanslag of teruggaaf inkomstenbelasting/ premie volksverzekeringen 2026 (IB 2026) ontvangen? Laat deze dan goed controleren. De eindafrekening met de Belastingdienst vindt plaats na afloop van het jaar, wanneer u de aangifte inkomstenbelasting hebt ingediend. Hebt u dan te weinig inkomstenbelasting betaald of juist te veel teruggaaf gehad, dan moet u die belasting alsnog betalen, verhoogd met 5% belastingrente. Verwacht u een wijziging in uw inkomen of in uw privésituatie? Laat dan uw voorlopige aanslag of teruggaaf 2026 controleren en zo nodig aanpassen.

     Tip

    Laat uw voorlopige teruggaaf of aanslag IB 2026 controleren en voorkom dat u later inkomstenbelasting moet bijbetalen, verhoogd met belastingrente.

    U bent als werkgever verplicht om gegevens over betalingen aan derden over 2025 uiterlijk 31 januari 2026 te verstrekken aan de Belastingdienst. Daartoe wordt u niet meer uitgenodigd. U moet de opgave dus uit eigen beweging doen. Uitgezonderd zijn betalingen aan werknemers, artiesten, beroepssporters, vrijwilligers en personen die een btw-factuur hebben uitgereikt. Gegevens over personen die facturen zonder btw uitreiken, geen facturen uitreiken of facturen met btw verlegd, moet u dus wel aanleveren. De gegevens betreffen het BSN, de naam, het adres en de geboortedatum van de ontvanger van de betalingen, de uitbetaalde bedragen en de data waarop deze betalingen zijn gedaan. Ook kostenvergoedingen moet u vermelden.

    Tip

    U kunt de gegevens digitaal verstrekken via het gegevensportaal of via Digipoort.

    Bent u een ondernemer zonder personeel (u heeft dus geen loonheffingennummer) en bent u door de Belastingdienst uitgenodigd om gegevens van uitbetaalde bedragen aan derden over 2025 te verstrekken? Dan bent u verplicht deze gegevens (zonder BSN!) uiterlijk op 31 januari 2026 bij de Belastingdienst aan te leveren. Heeft u daartoe geen uitnodiging gehad, dan mág u deze gegevens aanleveren. De gegevens betreffen de datum waarop en de naam, het adres en de geboortedatum van de persoon aan wie u het bedrag hebt uitbetaald. Het gaat vooral om betalingen die doorgaans tot het belastbare resultaat uit overige werkzaamheden behoren. Uitgezonderd zijn met name betalingen aan werknemers, artiesten, beroepssporters, vrijwilligers en personen die een btw-factuur hebben uitgereikt. Gegevens over personen die facturen zonder btw uitreiken, geen facturen uitreiken of facturen met btw verlegd, moet u dus wel aanleveren.

    Tip

    U kunt de gegevens over 2025 digitaal aanleveren via het gegevensportaal of via Digipoort.


BENIEUWD WAT WIJ VOOR U KUNNEN DOEN?

06-55 142 697


WIJ ZIJN BEREIKBAAR VAN MAANDAG TOT VRIJDAG

09:00 - 17:00